Weg van blauw

Na de reeks kleine portretjes, wil ik die oefening herhalen op een iets groter formaat. Bedoeling is om telkens een ganse les aan een portret te werken en elke week op een andere plek te gaan zitten. Bij het eerste portret neem ik er nog een stuk torso bij. Het geeft me wat vrijheid om het kleurige laken mee te schilderen. Achteraf ben ik over dat laken niet zo tevreden, wel over de torso. De lichtinval op de borsten komt best sterk over, al vind Philippe dat ik me alweer heb laten vangen aan mijn typische oplossing om heftig blauw in de schaduwpartijen te stoppen.

Iets te onstuimig met kleur gewerkt.

Dat trek ik me uiteraard wel een beetje aan. In het volgende werk let ik erop om licht en schaduw in de huidpartijen veel natuurgetrouwer aan te pakken. Maar alweer stop ik behoorlijk sterk blauw in de achtergrond. Ook hier krijg ik commentaar op. Maar geen derde keer!

Beheerst omspringen met kleuren zorgt voor meer samenhang.

De laatste les zet ik me nog dichter bij het model en waag ik me nog eens aan een stevige verkorting. Ik hou wel van zo’n uitdaging omdat ik dan extra goed moet observeren. Nu laat ik grote delen van het geprepareerde doek onaangeroerd. In de huidtinten houd ik het bij realistische kleuren waarbij ik toch naar doorgedreven contrasten werk. Maar ik let er deze keer op om mijn blauwen overal wat af te zwakken. Toegegeven, het resultaat is harmonisch sterker. De kleuren passen beter bij elkaar en zorgen voor een goede samenhang. Ach, de drang om anders en hevig te werk te gaan is soms groot, maar daarom is het resultaat niet altijd beter.

Een beperkt kleurpalet zorgt altijd voor een goede balans.