Borsteltechniek

Door omstandigheden heb ik de voorbije twee weken de schilderklas op dinsdag moeten missen. Vandaag is het de laatste dag voor deze houding zodat ik in één lesbeurt mijn werk moet afmaken. Mijn klasgenoten weten ondertussen dat ik daar geen probleem mee heb. Ik werk vlug en als het moet nog rapper. Al is het uiteraard vooral een kwestie van verstandige keuzes maken. Geen fouten maken of in elk geval niet te lang twijfelen, dat helpt ook.

Zo kies ik vandaag een halve steinbach, niet geprepareerd. Ik werk dus direct op het papier, zonder een grondlaag met gesso of iets dergelijks. Dat maakt dat de eerste verflagen die erop gezet worden meteen in het papier dringen. Vooral de olie van de verf wordt door het papier opgezogen, de white spirit vervliegt sowieso meteen. Het voordeel is dat ik het eerste uur mijn blad kan bedekken met verf die na de eerste pauze helemaal droog is. Een goede onderlaag dus om op verder te werken met wat dikkere verf.

Voor die onderlaag gebruik ik violet. Die tube hebben we in het tweede jaar gekocht maar ondertussen gebruik ik die kleur zelden omdat je zelf mooiere varianten van paars kan maken. Tegenwoordig gebruik ik die kleur vaker om er vroeg of laat toch eens vanaf te geraken. Nadat het blad gevuld is werk ik daarop verder met alizarine om het model in grote lijnen weer te geven en de schaduwpartijen aan te duiden. Nog voor de eerste pauze staat de compositie erop en liggen de belangrijkste details al vast.

Na de pauze borstel ik eerst de donkere partijen stevig uit. Vervolgens werk ik stilaan door naar de lichtere partijen. De achtergrond maak ik donkerblauw tot bijna zwart om de figuur een sterke contour te geven. Wanneer ik wit toevoeg aan mijn lichtere kleuren beginnen de contrasten krachtiger te worden. Dat werkt aardig. Omdat de onderlaag al goed droog is, gebruik ik voor die lichtere partijen droge verf. Op die manier bouw ik de huid op met losse toetsen, kriskras over elkaar. Dat geeft een rijkdom aan kleuren met een zinderend, levendig effect.

Het werken op ongeprepareerd papier maakt een droge borsteltechniek mogelijk.

Net voor de tweede pauze waarschuwt Philippe me voor het hevige blauw in de achtergrond dat de kleuren van de huid teniet doet. Daarin kan ik hem wel volgen. Ik weet ondertussen dat hij meestal gelijk heeft. We besluiten ook dat er wat te veel kleurverschil is tussen het hoofdhaar en de staart. Zo weet ik wat me te doen staat. Ik pak eerst de haartooi aan en werk vervolgens simultaan aan de achtergrond en de huid van het model om beide in harmonie uit te werken.

Het afzwakken van het coloriet van de achtergrond maakt de huid levendiger.

Het eindresultaat bevalt me uitstekend. Het violet van de onderlaag dat hier en daar nog te zien is, geeft extra diepte en een soort samenhang die het werk anders zou ontberen.