Close up

Hoewel ik mijn zelfportret zou moeten verbeteren, start ik graag met een nieuw paneel. Op eenzelfde formaat wil ik deze keer de moeilijke delen van wat dichterbij bekijken. Ik kies voor een frontale compositie, maar van dichtbij. Enkel het gelaat breng ik in beeld, van net onder de kin tot halfweg het voorhoofd. Op het vierkante formaat passen mijn oren er nog wel op.

Omdat ik in het vorige werk uiteindelijk de goede verhoudingen wat uit het oog verloren was, besteed ik daar nu extra aandacht aan. Het is even zoeken naar de goede kadrering. Maar zodra de grote lijnen erop staan, meet ik een en andere zorgvuldig na. Om de gelijkenis goed te krijgen, moeten de verhoudingen echt goed zitten. Na enkele uren ben ik best tevreden. De compositie staat er mooi op, de verhoudingen kloppen allemaal en tonaal zit het al goed. Alleen het schilderwerk zelf verdient nog wat extra aandacht.

Een zorgvuldig nagemeten onderschildering.

Nadat de onderlaag heeft kunnen drogen, zet ik in een tweede sessie het schilderij wat dikker in de verf. Een van de tips van de meester indachtig, meng ik de juiste kleur op mijn palet en zet dan met een kordate penseeltrek de toetsen waar ze moeten staan. Of dat probeer ik toch. Door niet op het schilderij zelf te mengen blijven de kleuren fris en krachtig. Gaandeweg begint dat goed te gaan en ik besef plots dat een sterke onderbouw echt wel voordelen heeft. Daardoor hoef ik me niet meer bezig te houden met het beeld of de verhoudingen, ik kan gewoon op de onderliggende afbeelding verder werken. Op die manier concentreer ik me veel meer op het schilderen zelf en niet op het corrigeren van de fouten. Het voelt een beetje als een openbaring. Gek, want ik weet dit eigenlijk al lang. Alleen heb ik het nu zelf ervaren.

Kordaat geborstelde close up. Een kanshebber voor de tentoonstelling.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.