Klein, kleiner

Hoe meer ik me op portretten richt, hoe beter mijn werk wordt. Dat vind ik zelf toch. Volgens mij komt dat omdat bij een lichaam de fouten minder opvallen. Daardoor zie je zelf de gebreken niet altijd en ook de toeschouwer ontgaat het vaak. Je kan je dus meer permitteren. Bij een portret zijn fouten sneller zichtbaar. We zijn erop getraind om mensen aan hun gezicht te herkennen. Daardoor vallen afwijkingen veel gemakkelijker op. Je kijkt bijgevolg kritischer naar je werk. Zo leg je de lat automatisch een stuk hoger.

De laatste weken merk ik dat de afstand tot het model me parten speelt. In het atelier werken we vaak met vijftien tot twintig mensen. We moeten wel ruim rondom het model plaatsnemen. Om de volledige figuur op een half of heel vel steinbach te schilderen, dat lukt nog aardig. De details voor een portret zijn van die afstand moeilijk waar te nemen. Daarom wil ik het vandaag anders aanpakken.

We hebben twee studenten die met aquarelverf schilderen. Zij zetten zich op een stoel voor de ezels van de olieverfschilders die toch recht staan. Maar wat belet me om ook te gaan zitten en met olieverf aan de slag te gaan? De enige belemmering die ik zie is dat ik geen ezel kan gebruiken. Met een kleiner formaat kan ik dat net zo goed tegen een rugleuning van een stoel laten rusten. Zo bedacht, zo gedaan. Zo evolueer ik dus plots naar kleinere formaten.

Vandaag werk ik op ongeprepareerd papier, de helft van een halve steinbach. Al snel heb ik het ganse vel opgevuld met een dunne onderlaag. Vervolgens bouw ik het portret zo accuraat mogelijk op. Vaak vertrek ik vanuit de grote vlakken waaruit ik op zoek ga naar kleinere en preciezere vlakken. Als een zoektocht naar de uiteindelijke afbeelding. Vandaag wil ik zo direct mogelijk naar het eindresultaat toe werken. Ik hoop mezelf op die manier te verplichten aandachtiger te kijken, juister kleuren te mengen en exacter te schilderen.

Stevig en kordaat gepenseeld portret.

Na ruim een uur staat het portret erop. De toetsen zijn vlot en kordaat gezet, volgens de vorm van het gezicht. De directe aanpak geeft het werk iets sprankelend. Ik krijg er positieve kritiek op van Philippe. Ik heb het gevoel dat ik iets wezenlijks begrepen heb.

Het ongeprepareerde papier maakt het moeilijk om nu nog verder te werken. Dus beginnen we maar een tweede werkje. Dat lukt iets minder vlot. Pas tegen het eind van de les ben ik min of meer tevreden. Ook hier kan ik niet op verder werken vanwege het ongeprepareerd papier.

Vanuit deze hoek lukt het minder vlot. Het duurt wat langer voor het plaatje klopt.